Constipatie

 

Constipatie is een vaak voorkomend probleem.

Baby’s kunnen onder borstvoeding soms zeer onregelmatig stoelgang maken, meerdere malen per dag tot 1x per week. Bij een opgezette buik , braken, of andere problemen is het belangrijk een arts te raadplegen.

Later hebben kinderen soms meerdere stoelgangen per dag of slechts 1 defecatie om de 2 dagen. Er wordt van constipatie gesproken als kinderen minder dan 3x/week stoelgang hebben. MAAR OOK ALS de stoelgang hard is, het maken van stoelgang pijnlijk is of kinderen zich verstoppen of een soort ontwijkingsgedrag vertonen telkens ze aandrang voelen, zijn dat tekens van verstopping of obstipatie. Grote volumes stoelgang wijzen eveneens op een probleem. Stoelgang in de onderbroek of overloopdiarree (= een soort diarree die ontstaat doordat de vloeibare stoelgang langs de harde stoelgangbollen, die de uitgang blokkeren, doorloopt) duiden op een probleem. Kinderen met stoelgangsproblemen voelen niet meer wanneer ze naar toilet moeten en doen dit niet opzettelijk!

Soiling of vuile onderbroeken hebben een belangrijke impact op je zelfbeeld en gaan soms pestgedrag in de hand werken. Een vlugge efficiënte aanpak is dan ook noodzakelijk. Wachten tot het kind dit probleem ontgroeit, is enerzijds slecht voor de algemene ontwikkeling van het kind en anderzijds installeren zich mechanismen van angst bij defecatie en door het uitzetten van de endeldarm een slechte druktechniek en een verminderde gevoeligheid voor het signaal dat het tijd is naar toilet te gaan.

Welke zijn de sleutelmomenten om verstopping te ontwikkelen?

Indien uw baby geconstipeerd lijkt, bespreekt u dat best met uw arts.

Het aanleren van de zindelijkheid is bij peuters één van de mijlpalen. Tegelijk is dit niet eenvoudig. Op deze leeftijd hebben kinderen het moeilijk om het verschil te verstaan tussen ophouden en dan weer op de juiste plek (= potje) loslaten.  Daarom wordt potjestraining best pas gestart als het kind weet en voelt dat hij stoelgang moet maken, dat kan doen ( praten, stappen) en het ook nog wil ( = nog niet in de “nee fase” zijn). Zelfs als alles vlot verloopt , kan het soms nog misgaan. Door de pijn bij het maken van stoelgang ontstaat dan ophoudgedrag, die zal leiden tot hardere en grotere volumes stoelgang, die op hun beurt gaan zorgen dat het kind nog meer angst krijgt om opnieuw pijn te voelen bij de volgende ontlasting en het ophoudgedrag verder in de hand zal werken. Door deze vicieuze cirkel wordt eer en meer stoelgang opgestapeld in het rectum ( = reservoir voor stoelgang) en ontstaan motiliteitsstoornissen.

Een tweede sleutelmoment is het begin van de lagere school waar naast schroom, de afwezigheid van rustige en propere toiletten ook het verbod om tijdens de lesuren het toilet te bezoeken, ophoudgedrag stimuleert.

Verder hebben grote veranderingen in de gezinssituatie, verhuis, een impact op het stoelgangspatroon.

Aanpak

Een vlugge efficiënte en langdurige aanpak is noodzakelijk.

  • Zorg ervoor dat uw kind steeds in de goede positie op toilet zit met verhoogje en verkleinbril of op potje
  • Zelfs kleine kinderen kunnen al heel jong de werking van hun lichaam verstaan. Dit helpt hun zelf hun probleem op te lossen. Na een kennismaking gesprek zal er tijdens de consultatie aandacht gegeven worden om door middel van verhaaltjes de werking van de darmen uit te leggen.
  • Alhoewel gezonde voeding en voldoende drinken belangrijk is, zal een langdurige constipatie hiermee niet behandeld kunnen worden. De juiste medicatie voldoende hoog gedoseerd is de enige oplossing. Gelukkig beschikken we actueel over medicamenten die geen effect hebben op de motoriek en enkel de stoelgang losser maken. Er bestaat hiermee geen risico voor “luie darmen”.
  • Soms moet een onderhoudstherapie voorafgegaan worden door een ledigingsfase, waarbij al de harde stoelgang door middel van medicamentjes via de mond wordt opgelost ( orale lavementen). Meestal kan dit gemakkelijk thuis gebeuren.
  • Om de medicatie op termijn te kunnen afbouwen is het belangrijk om een bioritme in te bouwen. Door gebruik te maken van de natuurlijke gastro-colische reflex ( = als je eet dan begint het hele darmsysteem te werken en gaat de dikke darm willen ontlasten) kan je je kind vragen om na het ontbijt en na het avondeten op toilet te gaan zitten gedurende 5 minuten.
  • Een positieve aanpak is de enige houding die op termijn vruchten afwerpt. Door het kind aan te moedigen en te belonen, ga je een gedragsverandering kunnen teweeg brengen. Dit doen we aan de hand van de agenda en plakkers . Waarbij na het behalen van een zeker aantal plakkers het kind een activiteit met zijn ouders als beloning kan uitkiezen (spelletje spelen, knutselen, taart bakken, …).