Kolieken

WAT ZIJN EXCESSIEVE HUILBUIEN OF KOLIEKEN?

Huilen is voor een baby een normale manier om zich te uiten. Heeft hij honger, is hij nat of wil hij aandacht dan kan hij dit zo aan zijn ouders laten merken. Met de tijd leren de ouders de verschillende tonen in de huilbuien van elkaar te onderscheiden en kunnen ze zo inspelen op de noden van hun kind. Soms gebeurt het echter dat de baby zeer veel huilt en geagiteerd is.

In de eerste definitie over excessieve huilbuien ging men ervan uit dat deze minstens 3 uur per dag aanhouden, voor minstens 3 dagen per week. Meestal komen deze huilbuien ’s avonds voor tussen 18 u en 24u. Dikwijls worden ze in verband gebracht met darmkrampen of kolieken.

Later legde Brazelton uit dat wenen bij kinderen normaal is en dat het huilen toeneemt vanaf de geboorte tot de leeftijd van 2 maanden om dan geleidelijk terug af te nemen. Een gemiddelde van 2,5 uur per dag wenen is normaal op deze leeftijd.  Het is dan  ook moeilijk om een lijn te trekken tussen wat normale en abnormale huilbuien zijn.

Tegenwoordig worden baby’s met excessieve huilbuien gedefinieerd als deze waarvan het huilen te hevig is, te lang duurt of  te frequent voorkomt. De juiste oorzaak van de huilbuien kan niet altijd achterhaald worden. Dikwijls is het ook een samenloop van omstandigheden. Toch zijn er een aantal problemen die aan de basis kunnen liggen van de hevige huilbuien. Eens deze bekend zijn, kan een behandeling ingesteld worden.

WAT KUNNEN DE OORZAKEN ZIJN?

  • Fysiologische huilbuien, de zogenaamde “kolieken”
  • Immaturiteit
  • Verkeerde eettechniek of onaangepaste voeding
  • Allergie aan koemelk-en of andere voedingseiwitten
  • Terugvloei van maagvocht in de slokdarm (gastro-oesofagale reflux)
  • Stoornissen in de darmbewegingen (peristaltiek)
  • Infecties, o.a. ooronsteking of urineweginfectie of acute diarree
  • Ingeklemde breuk, abnormale ligging van de darmen
  • Psychische stress: oververmoeide ouders, moeilijke bevalling,…
  • Neurologisch probleem

ENKELE NUTTIGE TIPS

Hou regelmaat in het dagschema. Zo leert je baby het dagritme te herkennen en dit zal het inslapen bevorderen.

Rust en regelmaat

Zoek een regelmaat waar je je als ouder goed bij voelt en hou deze regelmaat aan, bv.:

  • opstaan,
  • borst/fles geven,
  • samenspel – knuffelen (dit kan kort of langer duren, afhankelijk van de leeftijd van je baby),
  • alleenspel (op een vaste plaats, bv. in de box of op de speelmat),
  • slapen (in het eigen bedje).

Vermijd te veel aan prikkels door

  • Televisie, radio, …(op slaapmomenten).
  • Beperk het gebruik van de maxi cosi buiten de voedingsmomenten.
  • Beperk mechanisch aangedreven speelgoed.
  • Stimuleer je baby niet te veel, let op tekenen van vermoeidheid als je samen speelt.

Eerste tekenen van vermoeidheid

  • Leg je baby bij de eerste tekenen van vermoeidheid wakker in bed.
  • Het is moeilijker om je baby te laten inslapen als hij al (over)vermoeid is.
  • Signalen zijn o.a. gapen, in ogen wrijven, bleek worden, jengelen, drukker worden, wegkijken.

Voorspelbaarheid (door regelmaat in plaats en tijd)

  • Laat je baby niet op de arm inslapen, maar direct op de juiste plek, in zijn bedje.
  • Ook spelmomenten gebeuren best op dezelfde plaats (box, speelmat, op schoot,…).

Het bed

  • Leg je baby op de rug te slapen.
  • Leg je baby niet te hoog in het bedje, d.w.z. de voetjes dichter bij het voeteneinde.
  • Stop je baby tot en met de schouders onder.
  • Steek het laken en/of deken stevig vast onder de matras.
  • Leg geen speelgoed in bed en hang geen mobiel erboven.
  • Een kleine knuffel en/of muziekdoosje mag (eenmaal opdraaien).
  • 18° C is warm genoeg voor de slaapkamer.

Huilen

  • Accepteer huilen als een manier om op eigen kracht in slaap vallen.
  • Laat je baby huilen. Haal hem niet direct uit zijn bedje of ga er niet onmiddellijk heen om te troosten. Geef je baby de tijd om alleen rustig te worden, tot 30 minuten (opbouwen).
  • Kijk op de klok of zet een kookwekker voor een objectieve tijdsmeting.
  • Er is eerst een huilpiek voor het huilen afneemt.

Voeden gerekend vanaf het begin van de vorige voeding

  • Overdag minimaal twee uur tussentijd, maximaal vier uur tussentijd.
  • ‘s Nachts kan er eventueel 6 uur tussen zijn bij baby’s van 2 maanden of meer.

Ook regelmaat bij uitstapjes:

  • Op tijd gaan slapen, in het eigen bed thuis, in de kinderwagen of in een draagdoek tijdens het uitstapje.
  • Je baby heeft tijd nodig om het nieuwe ritme aan te leren. Gedurende de eerste twee weken van de nieuwe aanpak is het dan ook beter om niet of zo weinig mogelijk met je baby op uitstap te gaan.

Tips bij ontroostbare huiluurtjes!

  • Het is normaal dat het huilgedrag van je baby verergert voor het verbetert. De eerste dagen van de nieuwe aanpak kunnen erg zwaar zijn voor het hele gezin.
  • Het kan helpen om je baby bij je te nemen in de draagdoek of te wandelen met de kinderwagen (van voeding tot voeding). Beperk dit tot één keer per dag.
  • Blijf steeds rustig met je baby. Nooit met je baby schudden, dit kan onherstelbare hersenschade berokkenen.
  • Als het even niet meer gaat, leg je baby dan veilig in zijn bedje. Ga even iets doen zodat je weer rustig kan worden (bv. een kopje thee drinken).
  • Vraag af en toe een ervaren babysit, zodat je een beetje vrije tijd voor jezelf kan maken.
  • Als de situatie niet meer houdbaar is, kan men steeds, 24 op 24u, op de wachtdienst pediatrie terecht.